Olafur Eliasson


De Deense kunstenaar Olafur Eliasson (1967) maakt bijzondere installaties* in musea en grootschalige omgevingskunst in de openbare ruimte, waarbij interactie met bezoekers een grote rol speelt. Sommige werken noemt hij actiekunst.
Een installatie is kunst waar de toeschouwer naar binnen kan lopen, en die niet alleen de blik, maar meestal ook andere zintuigen aanspreekt.

Eliasson woont en werkt in Kopenhagen en sinds 1995 in Berlijn, waar zijn werk tot stand komt in samenwerking met een groot aantal medewerkers: ambachtslieden, architecten en kunsthistorici. Ook houdt hij zich bezig met fotografie, film, maakt sculpturen en ontwerpt architectuur. In veel van zijn werk speelt licht een grote rol.
Eliasson combineert kunst en wetenschap om ‘onze relatie met ruimte en tijd te verkennen’. Daarbij is zijn kunst sociaal gericht: hij wil ervaringen bieden waarvoor ‘nog geen woorden zijn’, die voor de taal uitgaan.

Ice Watch
Een voorbeeld van actiekunst is het project Ice Watch; een publieke actie om de klimaatverandering onder de aandacht te brengen. Tijdens de klimaatconferentie in Parijs (2015) bracht Eliasson losdrijvende, reusachtige ijsblokken uit een fjord bij Groenland naar het Place du Panthéon. Terwijl wereldleiders afspraken maakten om een stabieler klimaat voor de toekomstige generaties te bewaken, smolt 80 ton ijs op het plein voor het Panthéon weg, en liet het publiek de klimaatverandering op onze planeet ervaren. Ice Watch is een voorbeeld van publieke kunst die aandacht vraagt voor grote uitdagingen waar de wereld voor staat, en mensen kan aansporen tot actie.
 Ice Watch - installatie op het place du Pantheon, Parijs 2015

Green River Project
In zijn project Green River (1998-2001) kleurde Eliasson het water van verschillende rivieren met natuurlijke, biologisch afbreekbare kleurstoffen. De ongebruikelijke, groene kleur van de rivier riep veel reacties op. De aard van deze reacties hangt af van wat Eliasson Your Engagementt Sequence (YES) noemt. Een soort 6e zintuig dat je ervaring, geheugen en de temporele context beïnvloedt. Een beeld van de omgeving worden altijd waargenomen in een bepaalde volgorde of temporele context: iets komt na iets anders. Net zoals dingen in de omgeving een bepaalde ruimtelijke relatie hebben (water stroomt stroomafwaarts), hebben gebeurtenissen in de omgeving ook een bepaalde temporele relatie. De omstandigheden waarin we iets ervaren, beïnvloeden onze waarneming. Dit is hoe Eliasson ‘onze relatie met ruimte en tijd wil verkennen’. Volgens hem is ‘YES’ een centraal element in de waarneming, en is het belangrijk om te begrijpen op welke manier mensen zintuiglijke gegevens waarnemen en interpreteren. De toeschouwer moet zich bewust worden van zijn waarneming. Met zijn werk wil Eliasson een proces in gang zetten dat de toeschouwer bewust maakt van enerzijds het werk, en anderzijds de manier waarop wij waarnemen.
Eliasson stelt dat wij elke keer dat we ernaar kijken, de natuur anders waarnemen en veranderen.

Door de kleur van rivieren te veranderen in groen, laat Eliasson ons de natuur op een nieuwe manier ervaren. Hij wil daarmee bewustzijn oproepen over de manier waarop wij waarnemen, maar je kunt het ook interpretren als actiekunst die oproept tot meer bewustzijn van de milieuproblematiek. Deze onzekerheid over de manier van interpreteren is onderdeel van Eliasson werk.
Wanneer in een kunstwerk een duidelijk standpunt, of bepaald ‘correct’ gedrag zou worden benadrukt, roept dat door de voor de hand liggende receptie en reflectie minder vragen op. De onzekerheid over betekenis en herkomst van het kunstwerk verbreedt het scala aan mogelijke reacties.
Instanties willen die ruime interpretatiemogelijkheden soms beperken. Na de eerste Green River in Stockholm, waren de Zweedse autoriteiten er bijvoorbeeld snel bij om de kleur van het water te interpreteren met een verwijzing naar een chemische fabriek, stroomopwaarts. Daarmee compenseerden ze hun eigen medeplichtigheid en probeerden zo ongewenste reacties te voorkomen.
Net als veel andere hedendaagse kunstenaars wil Eliasson de toeschouwer bij zijn werk betrekken en onze waarneming aansturen of analyseren. Hij wil ons bewust maken van de manier waarop wij waarnemen: dat de kijker zichzelf ziet kijken.
Hij vindt het belangrijk dat wij niet alleen het kunstwerk zien, maar ook onszelf waarnemen vanuit dit dubbele perspectief. Dat wij onszelf kunnen zien kijken, in de derde persoon, uit onszelf kunnen stappen om de context van het kunstwerk, het subject en object te kunnen interpreteren. Hij wil ons een kritische houding aanleren, waarbij wij ook de mogelijkheid hebben om onze eigen rol in het waarnemingsproces te ervaren.

The Weather Project
The Weather Project was een installatie uit 2003 in Tate Modern in Londen. Het project maakte deel uit van zijn Unilever series. Deze installatie vulde de open ruimte van de grote turbinehal van het museum met een representatie van de zon en de hemel. Eliasson creëerde met een benevelingsinstallatie een fijne mist van een mengsel van suiker en water. De zon was een halfronde schijf met honderden mono-frequentie lampen die zuiver geel licht uitstraalden. Het hoge plafond van de hal was een enorme spiegel, waarin de halve zon weerspiegelde en bezoekers zichzelf konden zien als kleine figuurtjes in een zee van oranje licht.

Het weer is een veelbesproken onderwerp. In de vierde installatie van de Unilever Serie (opdrachten voor de Turbine Hall) nam Olafur Eliasson dit gegeven als uitgangspunt. Hij verkende in dit project ideëen over ervaring, interpretatie en representatie.

Notion Motion
De 1500m2 grote installatie Notion Motion (2005) werd ontwikkeld voor Museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam. Notion Motion bestond uit drie elementen: water, licht en de bezoeker. Projectie van reflecterende licht op water creëerde een fictieve wereld, die veranderde als de bezoeker van plaats veranderde. De interactie tussen die elementen en de bezoeker stond centraal. Niet alleen de waarneming van deze wereld, maar ook de perceptie van de wereld door de bezoeker.

Light Lab
Het project "Light Lab" was een lichtinstallatie voor het dak van een galerie in Frankfurt. In april 2006 werd het eerste deel van de installatie gepresenteerd - een lichtboog die er uitzag als een opkomende zon. In de glazen ramen van dak van de tentoonstellingsruimte werd in twee jaar tijd een reeks van twaalf licht experimenten geïnstalleerd. De werken waren alleen buiten zichtbaar.

Your Black Horizon
In 2006 werd op een eiland bij Venetië een lichtinstallatie geplaatst in opdracht van de museum Thyssen-Bornemisza. In een tijdelijk tentoonstellingspaviljoen werd een vierkante ruimte zwart geschilderd, en kreeg één lichtbron. Een dunne lichtstreep, op ooghoogte, op alle vier wanden, om een scheiding te creëren tussen boven en onder.

In 2008 werd het project New York City Waterfalls uitgevoerd. Dit waren vier watervallen in de East River bij de Brooklyn Bridge.

architectuur: de façade van Harpa
In 2011 ontwierp Eliasson de façade van het concertgebouw ‘Harpa’ in Reykjavik. Deze gevel bestaat uit een honingraatstructuur van staal en glas, een constructie die is aangevuld met grote stenen. ‘s Nachts kan de façade verlicht worden met gekleurde led-lampen.

Het project 'Little Sun' werd gelanceerd in 2012. Een op zonne-energie werkende ledlamp maakt het voor bewoners van derdewereld landen mogelijk om 's avonds te werken en te studeren. Er is ook een versie ontwikkeld waarmee een mobiele telefoon kan worden opgeladen.


Your Star
Tijdens de kerstdagen van 2015 verscheen een helder LED-licht in de hemel boven Stockholm, waar de Nobelprijzen uitgereikt werden. De ster werd verlicht met zonne-energie. Olafur Eliasson stelde: ‘Your Star schijnt oud licht. Het maakt het verleden heden, en verlicht een weg naar de toekomst. De ster verlicht de hemel boven Stockholm tijdens de viering van nieuwe kennis, gedachten en woorden van de Nobelprijswinnaars van dit jaar. Maar niet alleen de resultaten van deze prijswinnaars zullen leiden tot positieve, nieuwe stappen voor de toekomst, Your Star gaat ook over alledaagse inspiratie en symboliseert een droom die we allemaal moeten koesteren. Het moedigt ons aan om onze dromen en hoop op mogelijkheden voor nieuwe ideeën te voeden'. Your Star is een droomlicht.


De website van Olafur Eliasson vind je HIER.
In DEZE VIDEO's zijn veel projecten van Eliasson te bekijken.

Cai Guo-Qiang

De Chinese kunstenaar Cai Guo-Qiang (1957) groeide op in China, werkte in Japan en verhuisde vervolgens naar New York. Hij maakte de politieke omwentelingen tijdens de Culturele Revolutie van dichtbij mee. Zijn vader was kalligraaf en traditioneel schilder, die in een boekhandel werkte. Daardoor kwam Cai al jong in aanraking met zowel westerse literatuur als met traditionele, Chinese kunst.

Zijn besluit om te verhuizen naar het westen kwam voort uit zijn interesse om de verschillende culturen dichter bij elkaar te brengen. Als Taoïst ziet hij zichzelf in een permanente staat van beweging en verandering. Als conceptueel kunstenaar maakt hij installaties, kortstondige 'explosieve evenementen'. Ook in tekeningen, met buskruit vervaardigd, stelt hij ideologische kwesties en historische conflicten aan de orde met een poëtische, esthetische benadering.

Zijn werk refereert aan natuur en spiritualiteit, het zichtbare en onzichtbare. Een terugkerend thema in Cai's kunst is de wens om deze twee werelden te verenigen. In zijn werk speelt hij met ruimte en tijd, met traditionele en eigentijdse vormen. Bestaande sociale en culturele grenzen vervagen, worden uit de context gehaald om een nieuwe, mondiale eenheid te smeden. Daarnaast gebruikt hij ongewoon materiaal: buskruit.

explosion performance

In 1989, vijf maanden na het bloedbad op het Tiananmen-plein, vulde Cai Guo-Qiang een keet, zoals die door Tiananmen-demonstranten gebruikt werd, met buskruit en liet het ontploffen. Hij noemde het 'kunst voor buitenaardse wezens': Project for Extraterrestrials. De explosie van 9 seconden was het kunstwerk: een spektakel dat zichtbaar moest zijn vanuit de ruimte en dat voor één keer niet een bijproduct was van geweld. Of het nu wel of niet door aliens gezien werd maakte weinig verschil. Zijn project vond wel weerklank bij bewoners van de aarde. Het beeld stelde, vanuit kosmisch perspectief, de zinloosheid van bloedige conflicten aan de orde.

Buskruit is een eeuwenoude Chinese uitvinding, gebruikt voor vuurwerk en oorlogvoering. Guo-Qiang maakt er tekeningen mee, die hij (gedeeltelijk) laat ontbranden.
Cai Guo-Qiang -the Bund Without Us  2014  400x2700 cm  tekening met buskruit
De Bund is een beroemde handelskade in Oost-Zhongshan, een eeuwenoud symbool van Shanghai. De gebouwen langs de oever van de Huangpu rivier kenmerken zich door verschillende architectonische stijlen, waaronder Gotisch, Barok, Romaans, Classicistisch en Renaissance. Van hieruit werd en wordt handel gedreven met overzeese gebieden, met bijbehorende conflicten.

Cai: ‘Buskruit, de essentie van buskruit, toont de grootse kracht van het universum - de krachten van waaruit wij zijn ontstaan. Je kunt hierin grootsheid van de kosmos ervaren. Maar tegelijkertijd leven wij in een wereld waar explosies mensen doden, en dat is die andere context waarin je het werk kunt plaatsen’.

Hieronder kun je een 'explosion performance' van Cai Guo-Qiang zien. Met hulp van vele vrijwilligers brengt Cai zijn werken met buskruit tot ontploffing.
Cai Guo-Qiang - detail uit de serie Sky Ladder
Met Black Fireworks - Project for Hiroshima, lanceerde Cai in 2008 zwart vuurwerk tegen de helderblauwe hemel, bij de ruïnes van de Genbaku Dome in Hiroshima. Hier ontplofte op 6 augustus 1945 de allesverwoestende atoombom. Inmiddels is deze ruïne tot werelderfgoed verklaard: de plek is een symbool voor vrede geworden. Op de plek waar een allesverzengend vuur ooit de ondergang bracht, zette Guo-Qiang vuur in als metafoor van de heropleving.
Cai Guo-Qiang - Unmanned Nature, 2008 - 45x4 meter - gunpowder drawing
de negende golf
Ivan Aivazovsky - de negende golf, detail 1850
De tentoonstelling The Ninth Wave (2014) verwijst naar een romantisch olieverfschilderij uit 1850 van de Russische kunstenaar Ivan Aivazovsky. Daarop zijn menselijke drenkelingen afgebeeld, die zich vastklampen aan het wrak van een zeilschip in een stormachtige zee. Waar dit schilderij de hulpeloosheid van de mens te midden van de meedogenloze kracht van de natuur toont, wordt dit thema in de tentoonstelling door Cai ironisch genoeg omgekeerd. Hij brengt de hulpeloze teloorgang van dieren in beeld, gevolg van het voortdurende streven van de moderne mens om vooruitgang te boeken. 
Cai Guo-Qiang -de negende golf, installatie 
The Ninth Wave is een vissersboot uit Quanzhou, de geboortestad van Cai Guo-Qiang, met aan boord 99 realistisch nagemaakte dieren. Op de boot liggen zieke tijgers, panda's, kamelen en andere dieren met gebogen koppen. Volgens Guo-Qiang hebben de milieuproblemen niet alleen in China een kritiek niveau bereikt. Aanleiding waren 16.000 dode varkens die in Maart 2013 in de Huangpu rivier dreven, en de zware luchtvervuiling in China. The Ninth Wave vraagt met deze zielige ark van Noah aandacht voor de problematiek van global warming en de manier waarop de mens met de aarde omgaat. 

De tentoonstelling The Ninth Wave bestaat uit meerdere werken en installaties. 
Cai Guo-Qiang -Silent Ink
Een andere installatie is Silent Ink, een ondiepe plas waar zwarte inkt in stroomt. Dezelfde inkt die wordt gebruikt voor traditionele, Chinese kalligrafie. Door de stroom ontstaan het rustgevende geluid van een waterval en vreemde patronen op het glinsterende oppervlak van de zwarte vijver. Deze is omgeven door het beton en puin dat Cai uit de vloer hakte. Het zintuiglijke effect - een stilte waarin alleen het spatten van de inktzwarte ‘water’ te horen is, roept associaties op met een olieramp die zich gestaag voltrekt. 
Cai Guo-Qiang -Falling back to Earth 2013
Silent Ink sluit ook aan op een van zijn andere werken, Erfgoed, falling back to Earth, waarin negenennegentig dieren uit alle continenten vreedzaam drinken uit een hemelsblauwe vijver. Ook zonder dieren, is de betekenis van Silent Ink duidelijk: in China zijn veel meren en rivieren vergiftigd, niet eens meer geschikt voor de industrie, laat staan dat dieren het water nog kunnen drinken.

Met Silent Ink legt Cai op een subtiele manier ook een verbinding tussen traditionele Chinese landschapsschilderkunst (waarin de mens afhankelijk is van de natuur), en onze moderne wereld waarin wij meester over de natuur lijken te zijn. Eeuwenlang toonden Chinese landschapsschilders mensen als minuscule figuurtjes, vaak in passieve contemplatie, te midden van de grootsheid van de natuur. De mens was niet alleen verbonden met de natuur, maar toonde ook respectvolle nederigheid. In traditionele schilderijen is hooguit een kleine boot, een delicate pagode, een minuscule brug, of de vage contour van een rieten hut te zien. De mens zocht rust in de natuur, hij paste zich aan, en probeerde niet om de natuur om te vormen ten bate van zijn eigen doeleinden. 
Cai Guo-Qiang -Head On 2006


Minder ingetogen is Head On uit 2006, een onheilspellende installatie met 99 grommende, levensecht ogende wolven, schijnbaar opgesloten in een eindeloze cyclus waarin zij tegen een transparante glazen wand stuklopen. De verdwaasde wezens krabbelen op, om vervolgens weer aan te sluiten in de rij voor een nieuwe sprong. Het werk verwijst naar de erfenis van het nazisme in het hedendaagse Duitsland, naar de Koude Oorlog, naar de onmogelijkheid om te leren van onze eigen fouten (de geschiedenis herhaalt zich).

Taoïsme

Veel dieren uit de installaties zijn gemaakt door een leger van vrijwilligers, zij helpen ook bij de vervaardiging van de gunpowder paintings. Cai verklaart dit: 'In het confucianisme is tolerantie een waarde die leert om anderen niet uit te sluiten, en om te leren van en te werken met mensen van verschillende culturen. Het stelt mij in staat om nieuwe mogelijkheden in de kunst te vinden. Dit zijn de meest waardevolle lessen die ik heb geleerd van de oosterse filosofie, en ze zijn voor mij belangrijker dan oppervlakkige symbolen (als draken), of zelfs buskruit als keuze van artistieke materiaal'.

Het getal negen komt vaak voor in het werk van Cai Guo-Qiang. In de I Ching, het Boek der Veranderingen, een klassiek orakelboek uit het oude China, staat het negende hexagram voor 'de temmende kracht van het kleine', verwijst naar (9 maanden) groei, scheppingskracht en mildheid. Het is samengesteld uit symbolen voor hemel en wind.

the art of war
In de installatie Inopportune, Stage One (ongelegen, fase een) uit 2004 tuimelen negen exploderende auto’s in een grote tentoonstellingsruimte in een lus door de lucht, een cyclus die zich herhaalt. De auto’s draaien, tuimelen rond, er schiet licht uit, maar ze landen weer op vier wielen, veilig, onbeschadigd. De cyclus herhaalt zich, het begint weer bij de eerste, gewone auto. Een continue bewegingslus.

Sinds de aanslagen van 11 september zijn velen zich bewust van het gevaar van terrorisme. Het is een continue dreiging. De dreiging van autobommen maakt alert, zet ons in de realiteit. Inopportune verwijst naar het spanningsveld waarin we nu leven. Maar de installatie is tegelijkertijd ook mooi en fascinerend. Een dubbele contradictie. Het werk is een directe verwijzing naar de sociale problemen in de wereld waarin wij leven, tegelijkertijd is de problematiek van alle tijden. De installatie biedt een prachtig schouwspel, tegelijkertijd brengt het dodelijke explosies in beeld.

De installatie Inopportune: Stage Two toont negen levensgrote tijgers van papier-maché, gips, fiberglas, kunsthars en beschilderde huid. Zij hangen in de ruimte, doorboord met bamboepijlen met koperen punten en veren. Het is ook een reactie op terrorisme, culturele en religieuze conflicten en oorlogsgeweld.
Cai brengt het (uit)sterven van tijgers ook in relatie met heldendom. In de Chinese mythe over Wu Song, doodt een dappere held een mensenetende tijger met zijn blote handen om zijn dorpsgenoten te redden.
Cai Guo-Qiang - Inopportune, Stage two  2004
Cai gebruikt ook grote explosies bij site-specifieke Land Art projecten, waarmee hij -heel even- het landschap veranderd met esthetisch vuurwerk. Waar de meeste Land Art statisch en semi-permanent is, zijn Cai's explosieve performances snel voorbij. Met donderende knallen, vurig licht, rook, en wegzwevend vuil brengt hij zowel gewelddadige chaos als een rituele viering tot stand. Deze gebeurtenissen kunnen alleen worden vastgelegd met foto's, video's en in tekeningen.
Cai Guo-Qiang - Rode Vlag Warsaw 2005 Buskruit, lont en rode vlag
Bekijk HIER de website van Cai Guo-Qiang.

Ellen Galanger


De Amerikaanse kunstenares Ellen Gallagher woont en werkt afwisselend in Rotterdam en New York. Tate Modern organiseert deze zomer haar eerste grote overzichtstentoonstelling in Engeland. Haar complex opgebouwde en fantasievolle werken bevatten veel virtuoze details en humor.
Gallagher verwerkt beelden uit mythen, de natuur, kunst en sociale geschiedenis in haar kunst. Ze gebruikt een breed scala aan media, als schilderen, tekenen, reliëfs, collages, druktechnieken, beeldhouwkunst, films en animaties. De tentoonstelling geeft een overzicht van de thema's in haar werk, van haar baanbrekende vroege doeken tot recente film en installaties.
In de zogenaamde ‘pruiken’ collages, Double Natural, POMP-BANG, en eXelento, gebruikte Gallagher reclames voor haar- en beautyproducten uit de jaren ‘30 tot ‘70 uit tijdschriften als Ebony, Our World en Black Stars. Deze advertenties hadden veel invloed op het Black Beauty schoonheidsideaal. Er werd veel reclame gemaakt voor pruiken en haarversieringen. 
Ellen Gallagher heeft deze advertenties een nieuwe context gegeven, door de Afro-pruiken te versieren met plasticine: 
'De vrouwen die deze pruiken droegen waren vluchtelingen uit een andere tijd en plaats. Zij hebben zich bevrijd van raciale voorschriften uit het verleden. Maar ik heb ze nogmaals getransformeerd, op deze pagina's, die ooit hen gevangen hielden.'

De tentoonstelling omvat andere werken zoals Bird in Hand 2006, een complex reliëf opgebouwd in lagen prints, plasticine, kristal, verf, bladgoud en zout. Hierin verwerkte Ellen Gallagher haar belangstelling voor verhalen over de slavenhandel: een zwarte matroos of piraat staat centraal. Hij heeft een houten been en een overvloed aan uitwaaierend haar. De voorstelling lijkt op een onderwater-scène. De figuur is omgeven door slierten kleurrijke vormen die op zeewier lijken en zijn voet en peg-been lijken verstrikt in waterplanten. Zijn gezicht wordt deels bedekt door een masker en hij draagt een ooglapje. De titel van het werk doet denken aan het spreekwoord 'beter een vogel in de hand dan tien in de lucht': de matroos heeft dan ook een donkergroene papegaai in zijn hand. Bird in Hand is de verbeelding van een mythisch zwart Atlantis.

Gallagher's mysterieuze visie op het leven in zee brengt ze op papier in beeld, maar ze gebruikt ook andere media, als in de 16mm film installatie Murmur uit 2004 (samen met Edgar Cleijne). Ook een serie aquarellen en papierknipsels met de titel Watery Ecstatic en in een reeks dubbelzijdige tekeningen, Morphia, laat Gallagher zien hoe zij het intieme met het epische combineert, het stedelijke met het oceanische, de etherische met de fysieke en geschiedenis met het hedendaagse.

bron: Tate Modern 2013

Persijn Broersen & Margit Lucács

Post Panorama
Persijn Broersen en Margit Lukács maakten een interactieve installatie in een zeven verdiepingen tellende parkeergarage in Nieuwegein. Zij ontwierpen op iedere parkeerlaag een lichtwand die de geschiedenis en toekomst van de stad Utrecht in beeld brengt. Per verdieping reis je van de prehistorie naar de toekomst.
De bezoeker kan allerlei eigentijdse elementen uit de stad herkennen, naast allerlei verwijzingen naar de Nederlandse (kunst)geschiedenis. De tijdlijn loopt van de oerknal tot de toekomst. De lift in het zeven lagen tellende theatercomplex is als het ware een tijdmachine.
Op de verschillende verdiepingen is andere muziek te horen: deze soundscape werd gecomponeerd door Berend Dubbe & Gwendolyn Thomas, componisten uit Amsterdam. De muziek is bedoeld als een filmische soundtrack voor elk tijdperk, geïnspireerd door filmmuziek. De soundtrack bij de 'prehistorie' is gebaseerd op 'Jurassic Park' en de muziek bij de 'toekomst' zit vol met verwijzingen naar Science Fiction films uit de jaren '20 van de vorige eeuw, toen toekomstdromen nog grenzeloos waren.
Avro Kunstuur
Mastering Bambi
Benno Tempel in de Volkskrant -mei 2013

Mediakunstenaars Persijn Broersen & Margit Lukács maakten in 2010 een remake van de Disney-klassieker Bambi. Ze lieten daarbij echter alle dieren uit de oorspronkelijke film weg. Na het verwijderen van de schattige, antropomorfe karakters als hertjes, vogels en vleermuizen bleef alleen het landschap zichtbaar. Het maakt de utopische constructie van ongerepte wildernis zichtbaar. Wat overblijft is een nieuwe realiteit, een geconstrueerde en gemankeerde wildernis waarin de natuur een spiegel is voor onze eigen verbeelding.
De oorspronkelijke film uit 1942 toonde één van de eerste virtuele werelden: vol misleidend realisme en harmonie, waarin de mens de enige vijand is. Disney streefde naar een natuurgetrouwe weergave, maar hij gebruikte de natuur ook als metafoor voor de menselijke samenleving. In zijn romantische visie wordt de wildernis bedreigd door beschaving en technologie. Het bos wordt daarom afgeschilderd als een 'magische bron', het ultieme, reinigende grensgebied, waar de inwoners vreedzaam naast elkaar leven.

Interessant is dat de oorspronkelijke Oostenrijkse roman 'Bambi, A Life in the Woods' van Felix Salten uit 1924 in 1936 werd verboden door Adolf Hitler. De roman toont de natuur (en de menselijke samenleving) meer als een sombere, darwinistische werkelijkheid vol concurrentie, geweld en dood.
Margit Lukács (Amsterdam, 1973) en Persijn Broersen (Delft, 1974) wonen en werken in Amsterdam en Parijs. Ze werken met een breed scala aan media - met name video, animaties en grafische-producties. In een groot aantal werken reflecteren zij op de decoratieve kenmerken van de huidige samenleving. Het werk van Persijn Broersen en Margit Lukács is een zoektocht naar de bronnen van de hedendaagse beeldcultuur. Zij laten zien hoe de werkelijkheid, (massa)media en fictie met elkaar verweven zijn in de hedendaagse samenleving.

Martin Kippenberger

Martin Kippenberger (1953-1997) heeft veel invloed gehad op de kunst van de jaren '80 en '90, zijn werk blijft inspirerend in de  21ste eeuw.
"Ik ben geen 'echte' schilder, noch een 'echte' beeldhouwer, ...  ik heb niet één stijl. Absoluut niet. Mijn stijl is waar je een individu ziet en waar een persoonlijkheid wordt gecommuniceerd door middel van acties, beslissingen, enkele objecten en feiten, waar alles samenkomt om een verhaal te vertellen".

Kippenberger was een tegendraads kunstenaar: hij dreef graag de spot met de kunstwereld en vond dat het schilderij als kunstvorm werd overschat. Om reacties op te roepen kocht hij in 1972 een grijs, monochroom schilderij van Gerhard Richter, zette er poten onder om er een salontafel van te maken, waarmee het een sculptuur en een originele Kippenberger werd.

Zijn vroege schilderijen tonen fotorealistische zelfportretten (die hij soms door een ander liet maken). Vanaf 1988 veranderd het beeld: hij is niet meer jong en slank. Hij toont zichzelf dan als een dikbuikige, strijdlustige kunstenaar in boxershort. 

In 1994 maakte hij een installatie met de titel: the happy end of Franz Kafka's 'America'. Kafka beschreef in de laatste scène van zijn boek 'Amerika' hoe hij op zoek ging naar werk, deze installatie van Kippenberger toont de beschreven situatie. Op een speelveld (toevoeging van Kippenberger) staan tafels, bureaus en stoelen opgesteld waar immigranten -op zoek naar werk in het land der beloften- zich konden melden. Aan twee zijden staan tribunes opgesteld, waarmee het element van (sportieve) competitie nog versterkt wordt. Van schilder- en beeldhouwkunst naar mixed media: hier zijn meubels, dia projectoren, video projectoren, TV monitoren, een groene vloer met witte lijnen, en tribunes gebruikt.

Veel van zijn werk is conceptueel, zoals het Metro-Net, een wereldwijde sub-way. Het bestaat uit een serie 'loze' metro-ingangen en luchtkokers die over de hele wereld gebouwd moesten worden. Door zijn vroege dood zijn maar een aantal (17) van deze ingangen naar 'nergens' gerealiseerd. Je hoort er alleen het geluid van passerende treinen en ventilatoren.

Krištof Kintera

Hedendaagse kunstenaars zoeken soms een synthese van het modernisme (idealisme, zuiverheid) en het postmodernisme (speelse ironie). Voorbeelden daarvan zijn te vinden in het werk van Krištof Kintera (1973). Kintera woont en werkt in Praag. Hij kiest zijn thema’s vanuit zijn Tsjechische achtergrond, maar werd ook geïnspireerd door de kinetische kunst van Jean Tinguely.

In 2007 reageerde hij op het modernisme van o.a Brancusi, met een hoge stapel cementzakken (Do it yourself). Brancusi heeft zijn hele leven met zijn minimalisme naar de meest essentiële vormen voor zijn onderwerpen en zijn materiaal gezocht. Kintera reageert met 'do it yourself' op Brancusi's bijna dertig meter hoge monument 'eindeloze zuil', ontworpen voor gesneuvelde soldaten en gemaakt van glanzend metaal met een kern van staal. Brancusi noemde het monument in 1934 zelf 'een trap naar de hemel'. Tijdens het repressieve bewind van Ceausescu had het communistische regime geprobeerd de zuil om te trekken, waardoor hij jaren scheef heeft gestaan. Maar inmiddels is de zuil rechtgezet en voorzien van een dunne laag goud.



In zijn postmoderne werk is het engagement van Kintera groot: hij zet ons met milde humor aan tot denken over de schaduwkanten van bijvoorbeeld economische vooruitgang en commercie. Producten krijgen een eigen, kwetsbaar leven zoals een bewegende komkommer en een volle, plastic boodschappentas die zegt: ‘I am sick of it all, it doesn’t seem to change’.


Het werk Revolution uit 2005 was confronterender: een sculptuur van een kind met een capuchon over zijn hoofd bonkt met harde knallen zijn hoofd tegen een muur. Het werk riep in de openbare ruimte paniekreacties op bij het publiek. 


In Talkman laat hij een groep 'kinderen' vragen stellen: "Zou jij graag willen veranderen?..." ".. wat denk jij over de toekomst van de mensheid...?" en stellingen uitspreken als '..Ik denk dat mensen teveel praten. Ze zouden eens wat meer moeten nadenken'. De anonieme figuren hebben geen gezicht, ze onderscheiden zich door hun kleding en staan op enige afstand van elkaar in een ruimte opgesteld. Op sommige momenten spreken verschillende poppen tegelijk.

Krištof Kintera ‘Talkman'
licht

Religie en spiritualiteit kregen in verschilldende religieuze tradities vorm met de symbolische betekenis van licht. In 'Mijn Licht is Jouw Leven' verwijst Kintera naar zowel naar de hindoeïstische Godin Shiva als naar het boeddhisme van Japanse Samoerai.

 Krištof Kintera ‘My Light is Your Life (Shiva Samurai) 

In Tilburg plaatse Kintera een bijzondere lantaarnpaal bij een beeld van Fransicus van Assisi. De lamp buigt zich met een vreemde kronkel weg van de straat en creëert zo ‘s nachts een heldere halo boven het hoofd van Fransiscus (Miracle, 2008). Je kunt het opvatten als een manier om de spot te drijven met het katholicisme, maar ook zien als een spirituele prikkel in de hedendaagse zoektocht naar spiritualiteit en religie. 

 Krištof Kintera Miracle, 2008

“In mijn werk toon ik ook de duivel als een mechanisch wezen. Net als de kerstman, de sneeuwman of sprookjesfiguren is de duivel een archetype dat vandaag de dag nog steeds bestaat. Die vormen de ankers uit mijn jeugd en zijn vandaag de dag nog springlevend".

Bekijk HIER meer werk van Kintera.